Archive for the ‘Diving’ Category

Sweet Dreams

Soms spring je het water in, en denk je na vijf minuten: afbreken die handel. Zo ook deze duik bij Sweet Dreams, vlakbij de zuidpunt van Bonaire. Het zicht deed denken aan de Vinkeveense plassen op zaterdagmiddag, en vis was er ook al niet. Maar toen veranderden de omstandigheden radikaal. Het zicht klaarde op, het rif toonde zich in volle glorie. Na een grote groene morene, een paar juvenile spotted drums en de gebruikelijke parrots en angels had het nog een verassing in petto: een jong volwassen hawksbill turtle vergezelde ons de laatste vijftien minuten van de duik. Over de naam van de site hoef ik geen woorden vuil te maken; als iets je zoete dromen bezorgt…

Windjammer

Ruim zeven jaar geleden begon het te kriebelen. Jarenlang had ik het afgehouden – gevoelig op de oren, veel gedoe, veel gesjouw. Waarom zou ik? Maar nu was ik op Bonaire, mijn ouders doken, mijn broer en zus hadden hun brevet en mijn oom was nota bene divemaster. En onze ‘familie instructeur’ werkte in het duikcentrum om de hoek. Dus moest het er toch maar eens van komen.

 

Mijn studenten willen het niet meer geloven, maar die eerste duiken was ik echt stikbenauwd. Gelukkig had ik priveles van een bijzonder rustige en kundige instructrice, en was ik op Bonaire – een van de makkelijkste mooie plaatsen ter wereld. De vakantie daarop maakte ik mijn twintigste duik, de eerste mijlpaal, en toen was het hek van de dam! Na een koud zomerseizoen (Advanced en Rescue in de Nederlandse wateren) kwam ik terug op Bonaire voor mijn divemaster en instructeursdiploma. Maar ook (of liever: juist) als instructeur moet je jezelf blijven verbeteren en prikkelen. En zo kwam het dat ik begon met wat ik had gezworen nooit te doen: technisch duiken.

Alle niet-duikers hebben wel eens een scubaduiker gezien in vol ornaat, al is het maar op een plaatje. De standaard apparatuur bestaat uit een vest, een automaat en een tank, en is geschikt voor eenvoudige duiken tot een bepaalde diepte en temperatuur. Bij een verhoging van het risico – bijvoorbeeld bij extreme koude, diepe duiken of grot- en/of wrakduiken – zal een verstandige duiker niet willen vertrouwen op een enkele tank en automaat, maar van beide minstens twee meenemen – om ook bij uitval van een automaat nog voldoende lucht bij zich te hebben voor de opstijging. Bij lange diepe duiken is het bovendien niet erg slim om rechtstreeks naar de oppervlakte te gaan: men moet zogenaamde decompressiestops maken om de stikstof tijd te geven uit het lichaam te ontsnappen. Om deze stops te versnellen, nemen duikers vaak andere gasmengsels mee, met een hoger percentage zuurstof en een lager percentage stikstof.

Op Bonaire is er zelden een reden om dieper te gaan dan 15 meter. Er zijn echter uitzonderingen, en een van de leukste diepe duiken is de Windjammer, een wrak dat tegenwoordig op ca 60 meter ligt. Hier duiken we met vier tanks: lucht voor op diepte en voor de opstijging 40% en 70% zuurstof. En dat ziet er als volgt uit:

Search
Categories
Archives

You are currently browsing the archives for the Diving category.